Oorspronkelijk geplaatst door Mustapha
(Bericht 139207)
Als docent in wording moet je goed kunnen improviseren. Je weet nooit wat voor over het paard getilde figuren in je klas kunt aantreffen. Daarom had een docente een kleine verassing voor ons in petto. We moesten even snel een lesje draaien van rond de tien minuten, impvrovisatie op het natuurlijke af. Het onderwerp mocht je zelf verzinnen, en na een korte bedenktijd had ik een onderwerp gevonden waar ik honderduit over kon lullen. Mijn korte les noemde ik "vooroordelen". Welke vooroordelen zijn er over Marokkanen en welke vooroordlen zijn er over de Belgen?
De klas vond het boeiend, en we begonnen met de etnische groep waar ze als belgen het meest over schijnen te weten, de Marokkanen.
'Marokkanen zijn crimineel en ze stelen alles wat los en vast zit, Marokkanen vallen vaak vrouwen lastig. Zelfs Belgische vrouwen kunnen ze niet met rust laten. Ze willen wel Belgische meisjes maar mogen niet aan hun meiden komen (en terecht). Ze dragen van die leren jassen
met een bontkraag en ze hebben vaak opgeschoren hoofden. Marokkanen vechten veel, het zijn agressieve mannetjes. Ze zijn lui en leven van de ocmw en van de onterechte uitkeringen.
Ze willen snel veel geld verdienen en doen dat door hasjiesj en drugs te verkopen.
Ze gaan elk jaar in een propvol busje naar Marokko waar ze grote huizen hebben. Ze jatten je vuilnis. wanneer je een bank weggooit dan wordt hij binnen de 5 minuten meegesjouwd door een Marokkaanse vader en zijn drie zooons. Ze zijn dom en allemaal laaggeschoold.
Marokkanen zijn extremistische moslims, ze doen aan rellen. En ze komen op voor de Palestijnen.
Ze zijn anti-Joods en zingen in hun vrije tijd "hamas, hamas, Joden aan het gas". Marokkaanse vrouwen worden onderdrukt, ze moeten een hoofddoekje dragen. Ze hebben Islamitische scholen die
die ze dan gaan misbrruiken door daar terroristen op te leiden.
Een hele waslijst aan vooroordelen. De klas werd steeds enthousiaster. Het leek wel alsof ze het al die tijd opzettelijk in zich moesten houden. Nu ze vrijelijker op Marokkanen mochten schelden viel er een zware last van hun schouders. Marokkanen zus, Marokkanen zo, en hoe! Het bord
werd te klein voor het vele verontwaardigde gezwets. Na alles aangehoord te hebben was het tijd om aandacht te besteden aan de vooroordelen over Belgen. De klas werd stil. Ik kreeg
geen fatsoenlijk antwoord uit hun mond. Daarom probeerde ik ze een beetje op te jutten. 'wat dachten jullie, dat Marokkanen geen vooroordelen over jullie hebben?'.
Uiteindelijk kreeg ik er iets uit in de richting van 'gierig'. Een heel mager resultaat, maar het past bij de aard van het beestje. Toen was het mijn beurt.
"Belgen gaan met hun schoenen naar bed en met hun schoenen naar de wc. ze wassen zich 1 keer per week. hun haar wassen ze 1 keer per maand. dagelijks spuiten Belgische moeders gif in hun
opgestoken kapsels om het ongedierte te doden en om hun kapsels stijf te houden. Het zijn vieze associale mensen. Ze graaien gewoon met hun handen in pannen en likken hun borden schoon. Ze leven met dieren zoals katten en honden die ze behandelen alsof het hun kinderen zijn.
Die beesten hebben zelfs een eigen huisarts.
Ze (tong)zoenen hun beesten. hun huis stinkt naar natte hond. Ze hebben honden en kattenvlooien in hun kleding en op hun huid zitten. Ze hebben altijd remsporen in hun onderbroek omdat ze hun kont met droog papier afvegen in plaats van nat wc-papier te gebruiken of het wc-papier
te bevochtigen. Ze doen hun behoefte met de deur open. De vrouw kan gewoon de man zien schijten op de wc. Dat vinden ze heel 'natuurlijk'.
Ze denken dat ze heel grappig zijn en alles weten. Ze zijn arrogant, intolerant, onverschillig ten opzichte van andere culturen en vinden zichzelf geweldig. Ze knijpen hun vrouwen in de kont in het bijzijn van hun ouders. Ze zijn in staat om zich van hun familie te ontdoen, al bij
het minste en geringste ruzie. Ze gaan dan alleen verder met hun leven, zonder nog ooit contact op te nemen met de ouders. Wanneer hun vader in coma ligt en in leven wordt gehouden door een ingewikkeld hartapparaat dan zijn ze in staat om de stekker eruit te trekken om zo sneller aan de erfenis te komen.
Vaak vechten de broers en zussen om de erfenis, terwijl de vader nog geen uur geleden begraven is.
Familie komt bij hen op de laatste plaats. hun ouders stoppen ze in een hoenderhok,dat ze bejaardentehuis noemen.
Ze eten van de grond. Als iets van het bord afvalt dan spoelen ze het af en eten ze het alsnog op.
Je kunt ze niet vertrouwen en zijn goed in het verzinnen van regels en manieren om je geld af te troggelen. Ze verkopen hun eigen moeder voor een paar tientjes.
Ze zien zichzelf als de top van de beschaving terwijl ze dat verre van zijn.
ze laten winden in het bijzin van vreemde mensen en bezoek en doen alsof er niets aan de hand is.
Vaak laten ze een harde wind en vragen ze het volgende "zei je wat?".
Ook nemen ze niet de moeite om in de nacht op te staan en om naar toilet te gaan.
Ze laten harde winden, zo hard dat het dekbed opbolt als een luchtballon, zelfs als ze het hun echtgenotes onder de dekens liggen. Als de echtgenote vreemd opkijkt, wat zelden gebeurt omdat ze even
hard meedoet, antwoord de man "was dat jouw zaktelefoon of de mijne?", ik heb hem nog niet op tril gezet.
Als ze naar het toilet gaan dan vertellen ze dat graag van tevoren. 'ik krijg een boodschap van darmstad', is een veelgehoorde opmerking.
Ze praten ongemanierd en vertellen schuine moppen in bijzijn van familie.
Ze hebben geen respect voor voedsel, ze drukken hun peuken uit in het bord waaruit ze net uit hebben gegeten. Ze peuteren vaak in hun neus, en de inhoudt belandt vaak in hun maag.
Na toiletbezoek wassen ze hun handen niet. de mannen urineren staand, en morsen daarbij op hun handen, broer, wc-bril en de grond.
Ze roddelen vaak op het werk en thuis. ze klagen overal over en steken de hand nooit in eigen boezem.
Getrouwde mannen gaan vaak naar de hoeren en hun vrouwen vinden het goed omdat ze zichzelf niet meer aantrekkelijk vinden.
Ze hebben overal commentaar op.
De belgische cultuur is een echte betwetecultuur. Ze dringen hun gewoontes op aan minderheden die er liever niets mee te maken willen hebben.
Ze kopen plastic groenten, fruit, gebak en taarten ie net echt lijken bij de tuincentra omdat dat op termijn goedkoper is dan echt voedsel.
De plastic druiven en bananen stoppen ze dan tussen de bananen en tomaten die ze wel gekocht hebben.
Als ze bananen en andere fruitsoorten kopen dan kopen ze dat per stuk.
Watermeloen kopen ze per gram. Het zijn hongerlijders die nooit tevreden zijn met wat ze hebben..
De overdonderde klas werd nogmals stil. dit was iets teveel van het goede. Er was een alom vertegenwoordigde gedachte aanwezig, zelfs de zieke docent dacht precies hetzelfde als de rest van de klas.
De collectieve gedachte zweefde door de lucht, ver boven de tierende zieke docent en de van de stuk gebrachte leerlingen, zo nadrukkelijk aanwezig dat je hem bijna kon horen.
"iemand is hier psychisch niet in orde"
|