![]() |
Vlaamse Regering toespraak van de minister-president nav Essenscia – Opendeurdagen C
Het is een genoegen om op deze zondagochtend hier in Antwerpen aanwezig te kunnen zijn bij dit opendeurweekend van de chemie en de life sciences. Dit opendeurweekend - dat niet toevallig tijdens het Internationaal Jaar van de Chemie wordt georganiseerd - is voor het grote publiek en de pers dé gelegenheid bij uitstek om deze sector van naderbij te ontdekken en te leren kennen als een innovatieve, toekomstgerichte speerpuntsector in Vlaanderen.Persoonlijk ben ik erg goed bekend met deze sector en met de cluster van chemische bedrijven hier in het Antwerpse, de tweede belangrijkste (petrochemische) cluster ter wereld, na Houston. Dat heeft alles te maken met de actieve investeringsstrategie die de sector van de chemie, kunststoffen en life sciences kenmerkt. Deze strategie staat me toe heel wat van deze bedrijven te bezoeken wanneer nieuwe investeringen worden voorgesteld. Zo heb ik - alleen al in de afgelopen maanden – Evonik, Soudal, Pfizer en Genzyme bezocht, die samen voor 360 miljoen euro aan nieuwe investeringen konden voorstellen, investeringen die goed waren voor honderden nieuwe banen.Maar ook deze indrukwekkende site van BASF is me niet onbekend. In april vorig jaar was ik hier bijvoorbeeld nog aanwezig bij de inhuldiging van de nieuwe spoorterminal, die de rol van Antwerpen als logistieke hub in Europa nog meer versterkt.Zulke investeringen tonen telkens opnieuw aan hoe belangrijk de chemische en petrochemische sector is voor de Vlaamse economie. Met een totale omzet van meer dan 35 miljard euro in 2010 is deze sector goed voor bijna een kwart van de door de Vlaamse industrie gegenereerde omzet. Bovendien is de sector, zoals al door Wouter De Geest werd aangehaald, nog steeds ontzettend belangrijk voor de werkgelegenheid. En inderdaad, ook op het vlak van export, essentieel in de zeer open Vlaamse economie, speelt de chemie een voortrekkersrol met een totale waarde van meer dan 42 miljard euro.
Persoonlijk ben ik erg goed bekend met deze sector en met de cluster van chemische bedrijven hier in het Antwerpse, de tweede belangrijkste (petrochemische) cluster ter wereld, na Houston. Dat heeft alles te maken met de actieve investeringsstrategie die de sector van de chemie, kunststoffen en life sciences kenmerkt. Deze strategie staat me toe heel wat van deze bedrijven te bezoeken wanneer nieuwe investeringen worden voorgesteld. Zo heb ik - alleen al in de afgelopen maanden – Evonik, Soudal, Pfizer en Genzyme bezocht, die samen voor 360 miljoen euro aan nieuwe investeringen konden voorstellen, investeringen die goed waren voor honderden nieuwe banen. Maar ook deze indrukwekkende site van BASF is me niet onbekend. In april vorig jaar was ik hier bijvoorbeeld nog aanwezig bij de inhuldiging van de nieuwe spoorterminal, die de rol van Antwerpen als logistieke hub in Europa nog meer versterkt. Zulke investeringen tonen telkens opnieuw aan hoe belangrijk de chemische en petrochemische sector is voor de Vlaamse economie. Met een totale omzet van meer dan 35 miljard euro in 2010 is deze sector goed voor bijna een kwart van de door de Vlaamse industrie gegenereerde omzet. Bovendien is de sector, zoals al door Wouter De Geest werd aangehaald, nog steeds ontzettend belangrijk voor de werkgelegenheid. En inderdaad, ook op het vlak van export, essentieel in de zeer open Vlaamse economie, speelt de chemie een voortrekkersrol met een totale waarde van meer dan 42 miljard euro. Het actieve investeringsbeleid van deze bedrijven zorgt ervoor dat de chemie en life sciences stevig verankerd blijven in Vlaanderen. Die verankering van de industrie is ook de basis van het Nieuw Industrieel Beleid. Met het Nieuw Industrieel Beleid zetten we resoluut in op de transformatie van het economisch weefsel in Vlaanderen, waarbij de ‘factories of the future’ de noodzakelijke nieuwe impuls moeten geven aan de productiviteits- en flexibiliteitsgroei. Onze huidige fabrieken en productievestigingen moeten zich kunnen transformeren naar flexibele, duurzame (met lage CO2-uitstoot en laag energie- & grondstoffenverbruik) en hoogst betrouwbare productiesystemen met hoge toegevoegde waarde. Kortom de fabriek van de toekomst die ook een leidende rol kan opnemen in een internationaal netwerk of als lead plant. Daarbij hoort uiteraard ook een gericht clusterbeleid. Het verankeren van lead-plants, die door lead-markets en lead-companies worden ondersteund, is daarbij onze prioriteit. Het spreekt daarbij voor zich dat ook de chemische cluster in deze regio een belangrijke rol zal spelen in de implementatie en het succes van het Nieuw Industrieel Beleid. Op korte termijn zal de Vlaamse Regering het Witboek Nieuw Industrieel Beleid voorstellen, in het verlengde van het Groenboek dat eind vorig jaar gepubliceerd werd. In het Witboek zullen we zeer concreet aangeven welke maatregelen en strategieën wij voorzien om het Nieuw Industrieel Beleid uit te werken. In afwachting van het Witboek blijft de Regering echter niet stilzitten en ondersteunen wij de chemische sector al volop. Zo hebben we het transformatiebeleid, dat in het Groenboek werd aangekondigd, al opgestart via het TINA-fonds, wat staat voor Transformatie, Innovatie en Acceleratie. Dit TINA-fonds is nu volledig operationeel. Overmorgen, 24 mei, komt het investeringscomité, bestaande uit top industriëlen, voor het eerst samen. Via het TINA-fonds voorzien we 200 miljoen euro kapitaal waarmee industriële transformatieprojecten zullen kunnen worden opgestart. Daarnaast heeft de Vlaamse Regering in de begrotingscontrole voor 2011 nog 65 miljoen euro extra vrijgemaakt voor onderzoek & ontwikkeling. Deze bijkomende inspanningen zullen in de rest van deze legislatuur elk jaar verder uitgebreid worden, met uiteindelijk 200 miljoen euro extra in 2014. Via de verhoging van de middelen voor O&O benadrukt de Vlaamse Regering opnieuw haar voornemen om zo snel mogelijk de 3% BBP norm voor O&O te bereiken. Door sterk te investeren willen we bovendien de O&O activiteiten van de industrie zelf stimuleren en ondersteunen. Dat O&O dé sleutel is voor de toekomst van onze economie, hoef ik aan de chemische industrie alvast niet te vertellen. Deze sector is immers, met een bedrag van 1,41 miljard euro aan investeringen in 2010, goed voor bijna de helft van de private uitgaven aan O&O. Dames en heren, Binnen de 65 miljoen euro extra middelen voor O&O in 2011, hebben we ook 17,3 miljoen euro voorzien voor economische en maatschappelijk relevante projecten. Ook Essenscia heeft zo een project, Wouter De Geest gaf dat al aan. Met het Flanders strategic Initiative for Sustainable CHemistry – of kortweg FISCH – zet de sector, in lijn met het Nieuw Industrieel Beleid, resoluut in op de transformatie naar een innovatieve sector waarbij duurzaamheid centraal staat. Ik kan vandaag dan ook inderdaad aankondigen dat binnen de Vlaamse Regering is afgesproken dat we dit project met de nodige middelen zullen ondersteunen. Dat duurzaamheid voor de chemische sector van groot belang is, wordt overigens door de bedrijven zelf continu herbevestigd. In de eerste plaats in de productie zelf. Wouter De Geest gaf het al aan, zonder deze sector geen nieuwe isolatiematerialen, geen elektrische wagens en geen verbeterde waterzuivering. Daarnaast is duurzaamheid ook een prioriteit in de bedrijfsvoering. Bij mijn bezoeken aan chemische bedrijven valt me immers telkens weer op dat een nieuwe investering vaak ook gepaard gaat met bijkomende maatregelen om de CO2-uitstoot te verminderen, zoals een omschakeling naar hernieuwbare energiebronnen. De chemische industrie is absoluut een sector met toekomst en een sector die zorgt voor onze toekomst, een sector ook die aantrekkelijk is om in te werken. Ik wil er dan ook, samen met Essenscia, alles aan doen om jongeren aan te moedigen te kiezen voor wetenschappelijke en technische studierichtingen en daarna voor een carrière in de chemische sector. Heel wat beroepen uit de chemiesector – diverse ingenieurs en technici - behoren vandaag immers al tot de lijst van de knelpuntberoepen. Bovendien zal de chemische industrie in de komende jaren, meer nog dan andere sectoren, de vergrijzing sterk beginnen te voelen. 16.000 nieuwe werkkrachten tegen 2020, dat is inderdaad de enorme uitdaging. Ook hier zal het Nieuw Industrieel Beleid veel aandacht voor hebben, door in te zetten op instroom van nieuwe mensen en op het langer aan de slag houden van de huidige werknemers. Ik ben er in ieder geval van overtuigd dat dit opendeurweekend vele jongeren in onze maatschappij warm zal maken voor de chemie en dat zo weer een nieuwe stap wordt gezet in de duurzame toekomst van deze speerpuntsector. Bron: politics.be |
Alle tijden zijn GMT +1. Het is nu 11:31. |
Forumsoftware: vBulletin®
Copyright ©2000 - 2025, Jelsoft Enterprises Ltd.
Content copyright ©2002 - 2020, Politics.be