De muziekindustrie is één van de laatste ekonomische sektoren (samen met banken, verzekeringsmaatschappijen en brouwerijen) waar erg eenzijdige kontrakten gelden en waar de "klanten" (in dit geval minder bekende artiesten en de muziekliefhebbers) als onmondige kinderen worden behandeld die -als ze durven protesteren en tegenspreken- als stoute kinderen moeten worden gestraft door hen voor de rechtbank te sleuren. En dit terwijl bijna alle andere ekonomische sektoren hun klanten tegenwoordig als mondige konsumenten behandelen die het recht hebben om naar de konkurrentie te gaan. Het komt erop neer dat men in sommige ekonomische sektoren met een grote ekonomische macht (waaronder de muziekindustrie) steeds meer geld voor steeds minder dienstverlening vraagt, terwijl de kleine zelfstandige om de hoek (kruidenier, bakker, kaffeebaas, plaatselijke CD-verkoper,...) steeds meer dienstverlening voor steeds minder geld moet geven. Veel platenmaatschappijen laten muzikanten een erg eenzijdig kontrakt ondertekenen dat hen jarenlang verplicht om bij dezelfde platenmaatschappij CD's uit te brengen, hen het gebruik van opnames van hun eigen werk verbiedt (getuige de vele processen rond de zogezegde "master"-opnames), hen de verplichting oplegt om een (meestal hoog) minimum aantal CD's te verkopen, en hen soms zelfs een boete oplegt als ze dit minimum niet halen. Het gaat hier vaak om eenzijdige feodale kontrakten met vele bladzijden plichten en enkele zinnetjes rechten voor de artiest. De zogezegde risiko's die grote platenmaatschappijen nemen zijn vaak volledig naar de artiest doorgeschoven. Je moet al heel veel verkopen vooraleer je als artiest aan zo'n kontrakten voordeel doet. Meestal is dit voordeel dan ook alleen maar weggelegd voor enkele suksesvolle artiesten, terwijl de grote meerderheid van de artiesten die bij zo'n grote platenmaatschappijen onder kontrakt zijn eerder worden uitgebuit door hen.
Voor veel artiesten zijn kleine onafhankelijke platenlabels die volgens het "Do it Yourself"- en "copyleft"-principe werken of uitgave in eigen beheer vaak de enige manier om hun werk uit te brengen. De huidige technologie waarbij ze zelf op een tamelijk goedkope manier hun eigen werk op CD's kunnen branden en uitgeven is vanuit het standpunt van het demokratizeren van de muziek alleen maar toe te juichen. Uiteraard is de muziekindustrie voor deze nieuwe vorm van artistieke vrijheid waarbij ze overbodig wordt erg bang. Ze zou immers wel eens meer normale ekonomische relaties met de artiesten en de muziekliefhebbers moeten aangaan. Ze probeert toch nog een graantje mee te pikken van de huisvlijt van deze onafhankelijke artiesten door bijvoorbeeld op de informatiedragers die deze gebruiken (tapes, CD-r's, mini-discs,...) een heffing voor auteursrechten te laten innen, die ze dan volgens hun eigen kriteria aan hun eigen leden uitdelen. De onafhankelijke artiest betaalt dus auteursrechten aan anderen om zijn eigen werk te mogen opnemen, en ervaart dit dan ook als legale diefstal door de muziekindustrie.
De muziekindustrie en de "grote" beroepsmuzikanten willen dat de konsument een vergoeding betaalt voor de muziek die ze beluisteren? Wel, geen probleem! Muziekliefhebbers hebben niets liever dan dat hun zuurverdiende centen zoveel mogelijk terecht komen bij de desbetreffende artiesten zelf en zo weinig mogelijk ergens onderweg blijven plakken aan andere handen. Maar laat de muziekindustrie en de officiële auteurs- en artiestenorganizaties dan maar eens beginnen met zelf het spel korrekt te spelen!
__________________
Solidarnosc : "Typisch voor de meeste rechtse nationalisten. Als het gaat over de rechten van de Vlamingen ten opzichte van de Franstaligen (een arme minderheid, dus zeer dapper!), dan kan het nooit op en is het om 't er radicaalst. Maar als het gaat over de verdediging van de rechten van de Vlaamse werknemer ten opzichte van (buitenlands en binnenlands) kapitaal, dan is een mes in de rug het enigste wat ze die werknemers te bieden hebben.
|