De Poëzie van de Werkloosheid
Toen ik dat dwaze gedichtje las van Geert van Istendael, officieel SocialeZekerheidsDichter, begreep ik onmiddelijk, dat Geert niet één dag de vreugde beleefd heeft van niet te moeten werken, en al zeker niet één dag de vreugde beleefd heeft van niet te moeten werken onder de armoedegrens.
Al de rest is poëzie, natuurlijk.
Over het algemeen geldt de regel dat sociale, geëngageerde poëzie zeer gemakkelijk in de valkuil dondert van slechte, geketende, saaie clichématic, en dat gevaar is te groter, naarmate het om materieel en professioneel zéér verwende intellectuelen gaat, die met de grassroots van het probleem geen ervaringsbasis delen.
Kaviaarsocialisten, dus.
Die mogen er van mij ook gerust zijn, daar niet van. Integendeel, we hebben ze broodnodig.
Maar daarvan poëzie pathetique bakken? Nee, dank U.
Het larmoyante gedicht van Geert luidt als volgt:
_______________
Werkloosheid
De dagen zijn hier grijze wegen
maar nergens, nooit en niemandsland,
de dagen zijn hier bleke vlaktes,
zijn regen die niet zwijgen kan.
En lege vlaktes zijn de dagen,
doorweekt, doorwaakt zijn alle nachten
en winternachten zijn de jaren,
geen morgen die nog wacht, geen mens.
Het werk is dood in deze streken,
de dagen zijn verstuivend zand,
geen boom, geen bloem, geen licht, geen droom.
Dit is het land van nodeloos.
Dit is het land van waardeloos.
Dit is het land van werkeloos.
Geert van Istendael
_____________________
Nou Moe!
Als ik het goed en authentiek vond, als dopper, zou ik me gaan ophangen.
En als poëzielezer sla ik in het vervolg de socialezekerheidsgedichten van Geert veiligheidshalve over...
|