Politics.be Problemen met registreren? Of een verloren wachtwoord? Gelieve een mail te verzenden naar maarten@politics.be met vermelding van je gebruikersnaam.

Ga terug   Politics.be > Themafora > Vakbonden
Registreer FAQForumreglement Ledenlijst Markeer forums als gelezen

Vakbonden Het hoekje voor de vakverenigingen, leden en afgevaardigden. Maar ook voor hen die erbuiten staan en er iets over te vertellen hebben.

Antwoord
 
Discussietools
Oud 17 mei 2018, 21:02   #1
N-Vb
Parlementslid
 
N-Vb's schermafbeelding
 
Geregistreerd: 11 juni 2013
Locatie: Vlaanderen, België, Europa
Berichten: 1.819
Standaard Hoe zit het nu met de opzegtermijnen ?

Arbeidshof Antwerpen 18 december 2017 versus Arbeidshof Brussel 9 januari 2018


Met overeenkomsten over de duur van de opzegtermijn gemaakt voor 1 januari 2014 mag men geen rekening meer houden. De duur van de opzegtermijn wordt enkel bepaald door de anciënniteit van de werknemer op het ogenblik van het ontslag. Tot dat oordeel kwam het arbeidshof Antwerpen in een arrest van 18 december 2017. Het arbeidshof Brussel oordeelde in een arrest van 9 januari 2018 exact het tegenovergestelde. Een complete blamage voor de wetgever.


1. De Wet Eenheidsstatuut voerde vanaf 2014 vaste opzegtermijnen in, waarvan de duur uitsluitend wordt bepaald door de anciënniteit van de werknemer. Bij de beëindiging van een arbeidsovereenkomst die een aanvang nam voor 1 januari 2014 moet men de opzegtermijn in 2 stappen berekenen: een eerste deel op basis van de anciënniteit van de werknemer in de periode tot 31 december 2013 (de zgn. rugzak). Daaraan voegt men dan een tweede deel toe, berekend volgens de nieuwe regels op basis van de anciënniteit sedert 1 januari 2014.

2. De vraag is dan wat het lot is van opzegtermijnen die werknemer en werkgever voor 1 januari 2014 geldig hadden afgesproken. Blijft die overeenkomsten gelden, en moet in geval van ontslag de opzegtermijn worden gerespecteerd die de partijen overeenkwamen, of geldt per definitie de nieuwe vaste berekeningswijze uit de Wet Eenheidsstatuut die louter gekoppeld is aan de anciënniteit?


In het geval waarover het arbeidshof diende te oordelen was tussen de werkgever en de werknemer een geldige afspraak gemaakt dat een opzegtermijn zou moeten worden gerespecteerd van 3 maanden per begonnen periode van 5 jaar, wat resulteerde in een opzegtermijn van 12 maanden. De toepassing van de (nieuwe) wettelijke regels gaf een termijn van 18 maanden.


3. In de Memorie van Toelichting werd na een opmerking over deze aangelegenheid door de Raad van State, ingeschreven “dat eraan moet worden herinnerd dat deze bepaling deel uitmaakt van de overgangsregeling die rekening houdt met de legitieme verwachtingen van de partijen van wie de arbeidsovereenkomst werd gesloten en uitgevoerd vóór 1 januari 2014. Een legitieme verwachting houdt in dat de overeengekomen clausules worden gerespecteerd. Alle geldige clausules die bestaan op 31 december 2013 blijven dus onveranderd en het is op basis hiervan dat de rechten worden bepaald voor het verleden. Deze memorie bepaalt dat de forfaitaire bepaling met betrekking tot de opzegtermijn eigenlijk enkel en alleen dienst doet om onderhandelingen op 31 december 2013 te vermijden voor de doelgroep waar, op basis van de huidige wetgeving, de opzegtermijn moet worden onderhandeld op het einde van de arbeidsovereenkomst. Zij dient dus om een uniformiteit te creëren. Zij geldt dus niet voor de werknemers waarvoor reeds een zekerheid bestond op basis van de conventionele akkoorden die werden gesloten in het verleden.”(Memorie van Toelichting, Par.St. Kamer 2013-14, DOC 53 3144/001, 40). Ook in het verslag namens de Commissie wordt dit standpunt verdedigd: “Aangaande de individuele overeenkomsten is, ingevolge het advies van de Raad van State, beslist dat de overeenkomsten die op 31 december 2013 van kracht zijn, zullen blijven gelden, onverschillig of de in de overeenkomst bepaalde opzeggingstermijn gunstiger of minder gunstig is dan in de nieuwe wettelijke regeling.”(Verslag Commissie Sociale zaken, Parl.St. Kamer 2013-14, DOC 53 3144/004, 6).


De algemene draagwijdte van de tekst van de Memorie lijkt dus te impliceren dat de conventionele bepalingen dienen te worden toegepast in de plaats van het wettelijk forfait van 1 maand per begonnen jaar anciënniteit, en dat zowel wanneer de conventionele bepalingen leiden tot een lager dan wel een hoger resultaat dan dat wettelijk forfait. Met deze interpretatie zou de formule Claeys, die geregeld in overeenkomsten werd gehanteerd om de duur van de toe te passen opzegtermijnen te bepalen, niet helemaal verdwijnen.


4. Die duidelijke wil is niet te vinden in de tekst van de wet zelf. Integendeel. De wet zelf voorziet enkel vaste termijnen (van 1 maand per begonnen jaar voor werknemers met een jaarloon boven 32.254 euro op 31 december 2013, en 3 maanden per begonnen periode van 5 jaar voor werknemers met een jaarloon tot 32.254 euro), en spreekt zich niet uit over het lot van eventueel voorheen geldig gemaakte afwijkingen.


Wat moet worden gevolgd: de duidelijke wil van de wetgever die blijkt uit de Memorie van Toelichting, of de uiteindelijke tekst van de wet zelf, die iets anders zegt?


5. De arbeidsrechtbank te Antwerpen, afdeling Mechelen noemde in een vonnis van 11 oktober 2016 de tekst van de wet niet zo helder als op het eerste gezicht lijkt, en zocht verduidelijking in de parlementaire voorbereiding, waar dus de legitieme verwachting van de partijen primeert.


In het arrest van 18 december 2017 koos het arbeidshof te Antwerpen evenwel voor de tweede oplossing. Het arbeidshof verwijst wel naar de parlementaire voorbereiding, maar noemt de tekst van de wet zelf klaar en helder; de parlementaire voorbereiding van een wet kan niet worden aangevoerd tegen de klare en duidelijke tekst van de wet zelf. Volgens het arbeidshof mag men bijgevolg met de vroegere (geldige) afspraken tussen de werkgever en de werknemer over de duur van de opzegtermijn geen rekening houden.


6. Een paar weken later besliste het arbeidshof Brussel in volstrekt tegenovergestelde zin. In een arrest van 9 januari 2018 oordeelt dat hof – na een zeer lange analyse van de parlementaire voorbereiding - dat met een afspraak tussen partijen van voor 2014 wel rekening moet worden gehouden indien dat voor de werknemer gunstiger is. Dat laatste staat dan weer op gespannen voet met die parlementaire voorbereiding (zie randnummer 3).


7. De arbeidsrechtbank Gent, afdeling Aalst heeft over deze kwestie in een vonnis van 15 mei 2017 een prejudiciële vraag gesteld aan het Grondwettelijk Hof. Het arrest is nog niet uitgesproken. Wordt dus ongetwijfeld vervolgd…


Dit soort situaties is een ordentelijke rechtsstaat onwaardig. Zoals hierboven is beschreven was de wetgever bij de voorbereiding van de Wet Eenheidsstatuut perfect op de hoogte van de discrepantie tussen de tekst van de wet en de bedoeling die erachter zit. Een behoorlijke regelgever zorgt er dan voor dat die kwestie opgehelderd wordt in de wet zelf. Dan zitten werkgever en werknemer achteraf niet met een totaal uiteenlopende rechtspraak en met de grootste rechtsonzekerheid.

Bron: http://www.mploy.be/node/225#rechtspraak
N-Vb is offline   Met citaat antwoorden
Oud 17 mei 2018, 21:59   #2
kelt
Perm. Vertegenwoordiger VN
 
Geregistreerd: 29 juli 2004
Berichten: 19.259
Standaard

Niet voor de eerste keer valt op dat,hoewel de parlementaire banken geod gevuld zijn met "Meesters in de rechten", wetgeving die in deze "Parlementaire werkplaats" vervaardigd wordt veelal krakkemikkig is (zodra er iets kan "geinterpreteerd" worden is het in mijn ogen "krakkemikkig")...

Buiten de politiek hebben de "Meesters in de Rechten" dan de garantie van een goedgesmeerde boterham...


Dat besef heeft ondergetekende al jaren,en daarom zal hij NOOIT op een advokaat kandidaat-politieker stemmen,ook niet als die op zijn "favoriete" kieslijst staat......NOOIT....
__________________
Amaai, en dat komt allemaal uit uw duimpje, geweldig zou ik zo zeggen.
kelt is offline   Met citaat antwoorden
Oud 17 mei 2018, 23:32   #3
N-Vb
Parlementslid
 
N-Vb's schermafbeelding
 
Geregistreerd: 11 juni 2013
Locatie: Vlaanderen, België, Europa
Berichten: 1.819
Standaard

advocaten zouden alleen betaald mogen worden als ze winnen,

daar zouden ze dan punten mee kunnen verdienen,
als ze verliezen punten minder,

alzo worden prutsadvocaten uitgerangeerd

en controle op rechters
N-Vb is offline   Met citaat antwoorden
Antwoord


Discussietools

Regels voor berichten
Je mag niet nieuwe discussies starten
Je mag niet reageren op berichten
Je mag niet bijlagen versturen
Je mag niet jouw berichten bewerken

vB-code is Aan
Smileys zijn Aan
[IMG]-code is Aan
HTML-code is Uit
Forumnavigatie


Alle tijden zijn GMT +1. Het is nu 02:08.


Forumsoftware: vBulletin®
Copyright ©2000 - 2018, Jelsoft Enterprises Ltd.
Content copyright ©2002 - 2016, Politics.be