Secretaris-Generaal VN
Geregistreerd: 4 juli 2004
Berichten: 82.096
|
elio di rupo: ‘Ik ben het socialisme’
Welke Fransman zei ooit: La France, c'est moi !
Wel, we hebben er ook zo ene ongeveer.
Eerst was de Spit dieu; nu hebben we een nieuwe.
titel en ondertitel:
elio di rupo: ‘Ik ben het socialisme’
‘De klassenstrijd begraven? We bevinden ons midden in een klassenstrijd!’
http://www.standaard.be/cnt/dmf20150219_01538909
Ik heb de betrokken paragraaf rood gekleurd.
Citaat:
20 februari 2015 | Marjan Justaert , Peter De Lobel
Elio Di Rupo komt naar je toe. Of beter: de PS komt buiten. De Franstalige socialisten willen intern de zaken wat opschudden en richten zich op wat ‘de mensen’ belangrijk vinden. ‘We moeten profiteren van het feit dat we federaal in de oppositie zitten om na te denken over vernieuwing en die ook in de praktijk om te zetten’, zegt de voorzitter.
Maar, verzekert hij, wat overeind blijft is ‘het gevecht om de groep rijken die vandaag niets bijdraagt, te doen bijdragen’. ‘Dat is wat een socialistische partij moet doen.’
Mail
Print Corrigeer
‘Ik heb geen socialistische naslagwerken nodig om socialist te zijn. Heel mijn leven is socialisme.’ ‘Ik heb geen socialistische naslagwerken nodig om socialist te zijn. Heel mijn leven is socialisme.’ Sébastien Van Malleghem
De PS gaat de hort op. De lokale PS-mandatarissen moeten hét aanspreekpunt worden voor de bezorgde burger en dus trekt de partij binnenkort, net zoals bij verkiezingen, van deur tot deur. En op 22 maart geeft de partij in Luik de aftrap voor de ‘Bouwplaats van ideeën’. Bekt voor geen meter in het Nederlands, maar ‘Le chantier des idées’ doet dat gelukkig wel. ‘Tijdens de vorige regeerperiode werden we opgeslorpt door verantwoordelijkheid’, zegt PS-voorzitter Elio Di Rupo. ‘We moesten de stabiliteit van het land weer herstellen en de begroting voortdurend opvolgen. Dat heeft veel energie gekost, die we niet intern konden investeren. Nu we federaal in de oppositie zitten, moeten we nadenken over vernieuwing.’
Van gas terugnemen wil Di Rupo in het leven na het premierschap niet weten. ‘Een partij leiden en een stad besturen is eigenlijk complementair. Het is enorm belangrijk om het contact met dat dagelijkse stadsleven te behouden. Dat geldt voor een minister en voor een mandataris, maar zeker ook voor een partijvoorzitter. Je moet toch weten wat de mensen bezighoudt?’
Was u dat dan een beetje vergeten?
‘Helemaal niet. De vinger aan de pols houden op het terrein, daar was ik altijd aan gehecht. Ik ben altijd citoyen parmi les citoyens gebleven. Ook toen ik nog premier was. J’ai toujours, toujours, toujours gardé le contact du terrain. Daar kan ik nog twee uur over doorgaan als u wil.’
Vertelt u liever eens waarom u niet gestopt bent als voorzitter, als we dan toch aan het vernieuwen zijn? Als gewezen premier moet u voortdurend afstand nemen van beslissingen van uw regering.
‘Dat vind ik niet onnatuurlijk. U heeft het weer over die wachtuitkeringen, veronderstel ik. Dat was wel een eis van de liberalen en een absolute voorwaarde voor hen om een regering te vormen en het land te deblokkeren. In een coalitieregering moet je compromissen sluiten. Vandaag zijn het allemaal rechtse partijen onder mekaar. De indexsprong, de verhoging van de pensioenleeftijd... Veel water moet men in die centrumrechtse regering niet bij de wijn doen. Maar het ligt niet in mijn aard om achteruit te leunen omdat anderen nu een regering gevormd hebben.’
Gaat u in 2019 de PS-troepen nog zelf leiden? Zelfs volgens die centrumrechtse regering mag u dan op pensioen.
‘Maar enfin, laat ons toch eerst eens kijken naar 2015, 2016 en 2017. Dan komen eerst nog de verkiezingen van 2018. Ik werk 14, 15 uur per dag en zal dat nog een tijdje doen. Maar ik vind het ontroerend dat u nu al aan 2019 denkt.’
Voordien zal de regering vermoedelijk niet vallen. Daarvoor is de aversie voor uw partij te groot.
‘Niet met de PS willen werken, dat is geen politiek, dat is conjunctuur. Er was nu een doorslaggevende druk van de leidende formatie in Vlaanderen, maar na de rechtse regering zal er iets anders komen. En nogmaals, het is nog maar 2015.’
En 2015 wordt het jaar waarin de militant het voor het zeggen krijgt?
‘We gaan bij de mensen langs en op 22 maart zullen we inderdaad onze ‘Chantier des idées’ lanceren samen met onze militanten. De ideeën moeten van onderuit opborrelen. We willen weten wat hun bezorgdheden zijn, de onderwerpen die hen het meest bezighouden... Ik heb bewust gekozen om n�*et te werken met een nota van het IEV (Institut Emile Vandervelde). We gaan vooral luisteren. Z�*j moeten zeggen wat hen bezighoudt en waaraan we moeten werken – uiteraard met respect voor de socialistische ideologie en onze waarden. Het wordt een proces van reflectie, van uitdieping... We zijn voor minstens 15 maanden vertrokken.’
Is dat een antwoord op de kritiek van FGTB-topman Marc Goblet dat de PS te centralistisch wordt aangestuurd?
‘Er is veel kritiek, vanuit verschillende hoeken. Ik hou er indien nodig rekening mee en probeer hem te begrijpen. Ik geef toe: sommige kritiek is gerechtvaardigd, maar andere slaat op niets.’
Heeft Goblet dan geen gelijk als hij zegt dat de PS-mandatarissen alleen in de weken voor de verkiezingen te zien waren?
‘We zijn vaak onder de mensen geweest, op betogingen, bij verschillende acties, enzovoort. Ik was zélf aanwezig, en zelfs ik heb die kritiek gekregen. Sommigen lijken onze aanwezigheid graag te vergeten. Maar, en daar hebben onze vrienden van de FGTB wel een punt, onze aanwezigheid was niet voldoende. Daarom moeten onze mensen en onze parlementsleden zichtbaarder worden op het terrein. Als we mee in een betoging lopen, moeten we vooraan lopen. De mensen moeten ons gezien hebben. Onder meer bij de vakbondsacties tegen het beleid van deze rechtse federale regering.’
En op 11 maart ook aan de stakersposten? De PTB zal er zijn.
‘Ik ga hier de modaliteiten niet opleggen. Dat laat ik over aan onze mensen. Ieder moet voor zichzelf beslissen wat het beste is. Het is geen tabula rasa, onze waarden blijven onze waarden. Maar in twee stappen, eerst via de mensen en daarna via colloquia met experts, willen we nadenken hoe een linkse partij zich vandaag opstelt in de veranderde wereld. Want enerzijds kanaliseren wij de verontwaardiging, en anderzijds zijn wij zijn wij ook de ‘force de transformation’.’
De kracht van verandering voorwaar. Gaat u de PS van naam veranderen?
(direct) ‘Pas du tout! Daar is geen enkele reden voor. Nee, zeg.’
Moeten er dan oude vormen en gedachten sterven? De klassenstrijd bijvoorbeeld?
‘Ook niet. We bevinden ons midden in een klassenstrijd! Aan de ene kant heb je mensen met een aanzienlijk fortuin die niet bijdragen aan de gemeenschap, aan de andere kant heb je de grote massa die zware moeilijkheden ondervindt. Dat kan niemand ontkennen.’
‘De PS liep dikwijls voorop. Herinner u Paul Magnette die ooit zei: ‘Wie is Olli Rehn?’ Of Laurette Onkelinx die pleitte om de budgettaire orthodoxie, het groeipad naar het begrotingsevenwicht, wat te lossen. “Onmogelijk”, zeiden de Vlaamse partijen. “Minute, Papillon”, riep de MR. En wat stellen we nu vast? Dat een rechtse regering, mét de N-VA, het begrotingsevenwicht pas nastreeft in 2018, morgen misschien 2020.’
‘De vermogensbelasting is een ander voorbeeld. Wij pleiten daar al voor sinds midden jaren ’80. We moeten de groep rijken die vandaag niet voldoende bijdraagt, wel doen bijdragen. Dat is de taak van een socialistische partij. Dat men zelfs maar durft te denken aan het optrekken van de btw is een grote vergissing. Wij hebben daar in de regering lang tegen gestreden.’
U plant ook colloquia.
‘Er is een pedagogische dimensie aan dit verhaal. Wat is bijvoorbeeld de precieze invloed van de financiële wereld op de economie? Kijk naar wat Joris Luyendijk zegt na twee jaar in de Londense City: zijn analyse is de onze. Politici zijn volgens hem de enigen die het systeem kunnen veranderen. Hij zegt zelfs dat we onze hoop moeten stellen op de progressieve partijen. Bon, dat is wat ik graag als boodschap wil brengen aan onze mensen. Als we in verschillende landen een noemenswaardige linkse kracht zouden hebben, zou het systeem er heel anders uitzien. De ideologie van rechts heeft als principe om niet te raken aan die financiële wereld, wij willen iets anders. We moeten de interesse van de militanten voor dit soort onderwerpen aanwakkeren.’
En mensen weer doen dromen? Daar wil de SP.A mee beginnen.
‘Dat is ons gevecht van elke dag. We hebben België weer naar de kop van het peloton gebracht met het Belgische recept, zonder toe te geven aan de grillen van de austérité. We zijn erin geslaagd om niet te raken aan de index, niet aan de btw, om een hele reeks medicijnen in prijs te verlagen... Is dat genoeg? Nee, maar het is wel het pad dat we moeten bewandelen. In Wallonië en Brussel hebben heel veel mensen het moeilijk. Maar ook in Vlaanderen kunnen velen de eindjes moeilijk aan mekaar knopen. Daar ligt onze rol.’
De PS blijft dus de partij van de arbeiders?
‘Kijk wie voor u zit: ik heb geen socialistische naslagwerken nodig om socialist te zijn. Heel mijn leven is socialisme. Ik heb persoonlijk zware problemen gekend... Ik bén het socialisme.’
Uw nieuwjaarstoespraak werd uitgesteld na Charlie Hebdo, maar daarin zei u wel dat als we het terrorisme willen bestrijden, we er niet door geobsedeerd mogen raken. Wordt er overdreven gereageerd, bijvoorbeeld door de N-VA in Antwerpen?
‘De angst van de Joodse gemeenschap is gerechtvaardigd. Ik steun hen voluit. België zou België niet zijn zonder de Joden, we moeten Joodse plaatsen dus voldoende beschermen. Wij willen constructief oppositie voeren in dit dossier.’
Bart De Wever (N-VA) heeft dus gelijk?
‘Daar ga ik niet over oordelen. Iedereen moet zelf inschatten hoe hij het risico kan beperken. In Bergen heb ik dat ook gedaan. We hebben samen met het parket, de Staatsveiligheid en de politie een analyse gemaakt. We hebben maatregelen genomen, maar geen leger gevraagd omdat we het risico aankonden. Als men in Antwerpen het gevoel heeft dat men wel een beroep moet doen op militairen, is het niet aan mij om te zeggen dat dat een slecht idee is.’
Heeft vicepremier Jan Jambon (N-VA) goed werk geleverd de voorbije weken?
‘Het is niet aan mij om...’
Aan wie dan wel? U bent ‘het socialisme’ én de oppositie.
‘Wij delen geen punten uit. Telkens als ik Jambon ontmoette, was dat zeer correct.’
Heeft hij u verrast met zijn kordate reactie toen Filip Dewinter de Koran een ‘license to kill’ noemde?
‘Neen. Dat was de reactie van een democraat. We moeten goed het onderscheid maken tussen een separatistische partij en een extreemrechtse partij.’
U hoort dus niet meer ‘le bruit des bottes’?
‘O,... dat was een manier om de zaken uit te drukken. Om te zeggen dat we uitleg eisten over de problematische uitspraken van meneer Jambon. Ik heb gesproken over hartzeer bij het nemen van bepaalde beslissingen, anderen spraken over ‘le bruit des bottes’... Iedere politicus heeft een bepaalde stijl.’
De N-VA is niet zo verschrikkelijk als u dacht?
‘Voor het land wel. Maar ik ben nu vooral even met de eigen partij bezig.’
Lees meer over:
Elio Di Rupo, Federale Regering, PS, Niet te missen
Marjan Justaert
Marjan Justaert is redacteur wetstraat bij De Standaard.
Meer artikels van Marjan Justaert
Peter De Lobel
Peter De Lobel is redacteur wetstraat bij De Standaard.
Meer artikels van Peter De Lobel
Lees meer
Elio Di Rupo: er komt geen reshuffle binnen de PS. 03/02/2015 PS-voorzitter slikt slechte PROGNOSE door ‘Ik ontken ten stelligste dat wij “in moeilijkheden” zijn’
‘De ideeën moeten van onderuit opborrelen. We willen weten wat de bezorgdheden zijn van onze militanten, de onderwerpen die hen het meest bezighouden’
|
__________________
Vlaanderen is niet van iedereen. Vlaanderen is enkel van hen die een inspanning doen om ertoe te behoren.
De grendel-grondwet moet wijken om eindelijk de broodnodige veranderingen te kunnen doorvoeren. Nadien kan de grondwet herstemd worden. Dat is nog gebeurd.
Ik heb de partij gesticht op drie lijnen: Vlaams en Europees, vrij en verantwoordelijk, en sterk en sociaal. Vandaag is dat de grondstroom in Vlaanderen. Geert Bourgeois (N-VA)
|